De Week van de Ontboezemingen in Kulturhus Borne

De Week van de Ontboezemingen in Kulturhus Borne

Ruim voor de landelijke ‘’Oktobermaand borstkankermaand’’ organiseert Kulturhus Borne een themaweek rondom borstkanker. In de week van 13 tot en met 19 september
Klik hier voor meer

Provincie Overijssel versoepelt subsidieregeling

Provincie Overijssel versoepelt subsidieregeling

De provincie Overijssel heeft de subsidieregeling aangepast voor experimenten die bijdragen aan de toekomstbestendigheid van kulturhusen. Er zijn experimenten op allerlei terreinen mogelijk, zoals
Klik hier voor meer

Blog Kulturhus

Klik hier voor de blog over de zoektocht naar verhalen over leefbaarheid en kulturhusen

Andere gedachten

Margreet Hogenkamp, 16-08-2010

De zomervakantie wordt door vele mensen gebruikt om in een andere omgeving op andere gedachten en zo tot ontspanning te komen. Omdat ik vandaag met zwangerschapsverlof ga, heb ik de zomer gebruikt om juist mijn werk af te ronden en juist mijn gedachten bij mijn werk te houden. De afgelopen maanden ben ik samen met mijn collega's heel druk geweest met het onderzoek Opmerkelijke Veranderingen. We hebben vele mooie, gewone en indrukwekkende verhalen gehoord van de inwoners van Borne, Lemelerveld en Notter-Zuna. Wat me goed is bijgebleven is de wil van mensen om zich in te zetten 'iets' - of het nu het kulturhus, de zomerfeesten of de sinterklaasintocht - in stand te houden. Ook al komen sommige mensen er nooit, de aanwezigheid van het kulturhus maakt ze trots en er maken immers anderen wel gebruik van. We hebben de eerste indrukken gedeeld met onze opdrachtgever, gedeputeerde Piet Jansen, en ook hij was blij dat we meer te weten zijn gekomen over hoe dat nu werkt. Je gaat samen met elkaar aan de slag om iets moois te ontwikkelen, maar hoe is dan de relatie met leefbaarheid. Waar zit dat dan in? Het ontmoeten van nieuwe mensen, het vinden van andere netwerken en het samen activiteiten doen is de sleutel in de redenering van mensen. Het kulturhus-concept kan daar een belangrijke rol in spelen. Met provinciale verkiezingen in het vooruitzicht, laait de discussie over de rol van de verschillende overheden op. Het ontwikkelen van multifunctionele gebouwen wordt nu met provinciaal geld mogelijk gemaakt. De toekomstbestendigheid is een verantwoordelijkheid van gemeenten. Het worden spannende tijden voor iedereen die zich bezighoudt in het sociale domein. Bezuinigingen dwingen tot keuzes; blijft de provincie ook na 2013 investeren in sociale voorzieningen en sociale cohesie? En hoe gaan gemeenten afwegingen maken als het niet meer mogelijk is om overal een ontmoetingsplek te creeeren? We hopen dat ons onderzoek een bijdrage kan leveren aan het nemen van goede beslissingen. Bij ons in ons eigen werk, maar ook bij bestuurders op gemeentelijk, provinciaal en rijksniveau. Ik ga me nu even met heel andere zaken bezig houden, maar blijf de discussie volgen!

Successen moet je vieren
Jorien Kranendijk, 16-04-2010

Gisteren was ik in Kulturhus Dok Zuid te Apeldoorn om de slot- en startbijeenkomst van de Leergang Kulturhusen Gelderland bij te wonen. De eerste lichting deelnemers kregen hun certificaat uit handen van de Gedeputeerde Esmeijer en de tweede lichting deelnemers startten op inspirerende wijze hun leergang. Opvallend vind ik altijd de zeer feestelijke en positieve sfeer die hier aanwezig is. Ondanks dat iedereen weet dat het opstarten en instandhouden van een Kulturhus volgens het concept (gezamenlijke programmering en beheer) lastig is, komt er tijdens de bijeenkomst veel energie vrij om met zijn allen de schouders er onder te zetten. Eens te meer word ik weer bevestigd in de meerwaarde van het Kulturhusconcept, maar ook dat ze in Gelderland beter zijn in het complimenten geven aan elkaar en de successen te vieren.

MFA in een herstructuringswijk
Margreet Hogenkamp, 24 maart 2010

Met een groep initiatiefnemers uit Zeis (woninbouwcorporatie, investeringsmaatschappij en woningbouwcorporatie) ging ik als vraagbaak mee op excursie naar verschillende multifunctionele accommodaties in Breukelen en Hilversum. We zagen twee voorbeelden van de combinatie van zorg en andere voorzieningen. Opvallend was de ambitie van de voorziening om er te zijn ‘voor de hele wijk’, terwijl beide voorzieningen vooral intern, en dus op de bewoners van de zorgwoningen gericht waren. Met als logisch gevolg dat de mensen uit de wijk zich er niet thuis voelen en er dus ook niet komen. Wat weer gevolgen heeft voor de exploitatie van de voorzieningen.
Gelukkig zag de initiatiefgroep dit ook. Hun ambitie ligt dan ook veel hoger dan alleen het ontwikkelen van een zorgvoorzieningen. De herstructureringswijk Kerckebosch krijgt deels nieuwe bewoners en voor een deel dezelfde bewoners. En de multifunctionele voorziening moet aan veel meer vragen voldoen dan alleen de zorgbehoefte. Mijn advies: in deze fase – met de kennis van de leefstijlen en wensen en behoeften van bestaande en nieuwe bewoners – een aantal scenario’s uitwerken. Niet alleen als initiatiefgroep, maar samen met de mensen die het moeten gaan doen. Inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Om vervolgens gedragen keuzes te kunnen maken. ‘Er zijn voor iedereen in de gemeenschap’ klinkt mooi, maar de vraag is of deze ambitie niet te hoog is. Begin met er te zijn voor de mensen die nu al naar de voorziening komen, met een groeimodel naar nieuwe doelgroepen bijvoorbeeld.

De nieuwe drank- en horecawet
Margreet Hogenkamp, 22 maart 2010

De nieuwe drank- en horecawet die in concept klaar is (moet nog goedgekeurd worden door de Tweede Kamer) geeft gemeenten meer vrijheid in zelf controleren op naleving. Afgelopen vrijdag was ik met een aantal vertegenwoordigers vanuit het ministerie van VWS op bezoek bij een aantal dorpshuizen in Friesland. De ambtenaren uit Den Haag hoorden de verhalen van de vrijwilligers van dorsphuizen en multifunctionele accommodaties en dus ook verhalen over de gevolgen van de Horecaweg op lokaal niveau. Een sterke lobby van uit de sport (NOC-NSF) en de horeca heeft er de afgelopen jaren voor gezorgd dat maatschappelijke instellingen zoals mfa's en dorpshuizen tussen wal en schip raken. Feit is wel dat vrijwel alle voorzieningen hun exploitatie uit de rode cijfers halen door de verkoop van koffie en .... drank. Ben benieuwd naar de veranderingen die de nieuwe wet met zich meebrengt. Hopelijk heeft dit bezoek bijgedragen aan meer begrip voor de situatie van de kleine voorzieningen.

 

Meten is weten?

Margreet Hogenkamp, 5 maart 2010
Hoe kan je de maatschappelijke effecten van multifunctionele voorzieningen meten? Vele gemeenten en woningbouwcorporaties buigen zich over deze vraag. De Kopgroep organiseerde vrijdag een bijeenkomst over dit onderwerp en wat blijkt; de kip met de gouden eieren is nog niet gevonden. Wel is ervaring opgedaan met Maatschappelijke Kosten Baten Analyses en worden voorzichtige pogingen gedaan om inzicht te krijgen in hoe je gevoelens (veiligheid, ontmoeting) vertaald naar meetbare instrumenten (aantal activiteiten, doelgroepen). Echter, mijns inziens bieden deze pogingen nog niet voldoende kennis over wat een voorziening voor mensen betekent en dus welke invloed dit heeft op de leefbaarheid.
Wij aan zelf aan de slag met de methodiek Most Significant Change. Hopelijk krijgen we daarmee de kennis uit de gemeenschap wel naar boven. Wat is voor mensen belangrijk waar het gaat om een leefbare gemeenschap. Het kan best zijn dat de fysieke voorzieningen een veel kleinere rol spelen dan we denken. Dat het juist gaat om intermenselijk contact. Maar daar komen we alleen achter door het te onderzoeken. Dus gelukkig krijgen wij de vrijheid om niet te blijven hangen in de gebouwen en de participanten, maar mogen we ook aan de vraagkant, namelijk de gemeenschap, vragen gaan stellen. Spannend. Dat wel.

Het nut van (studie)reizen
26 februari 2010, Margreet Hogenkamp

In Binnenlands Bestuur van afgelopen week werd in een artikel over studiereizen gerefereerd aan ‘onze’ studiereis naar Denemarken. De geïnterviewde deelnemer was gelukkig erg tevreden en vond de reis zinvol. Het blijkt dat gemeenten steeds minder geld aan studiereizen besteden, terwijl ze een kijkje in de keuken van een ander wel erg boeiend vinden. Afgelopen weekend was ik in Londen. Ook al was het geen studiereis, zo’n tripje levert genoeg boeiend werkmateriaal. Bijvoorbeeld het feit dat het overgrote deel van de musea in Londen gratis is. Een prima manier om kinderen laagdrempelig kennis te laten maken met de achtergronden bij de Engelse geschiedenis. En een National Gallery, waar je zo even binnen kunt lopen voor een rustpunt op de dag, terwijl je een blik werpt op werken van de grootste meesters. Gratis toegang kost ongetwijfeld veel geld, maar het levert wat mij betreft ook veel op. Al waren het maar de heel tevreden toeristen die hun ogen de kost geven.

 

Samenwerken gaat niet vanzelf
22 februari 2010, Jeroen Geerdink

Donderdag 18 februari was ik uitgenodigd door het Rijnstreek Beraad om een presentatie te houden tijdens de Werkconferentie Regionaal Cultuurbeleid. De aanleiding om Variya te vragen was onze ervaring met samenwerking in de publieke sector. Tevens worden er momenteel twee kulturhusen in Nieuwkoop en Alphen a/d Rijn ontwikkeld. Heel interessant dus!

 

  

Naast het culturele veld waren ook de scholen, betrokken ambtenaren en wethouder Robert Blom van de gemeente Alphen a/d Rijn aanwezig. De werkbijeenkomst had als doel een basis te leggen voor betere inhoudelijke samenwerking tussen organisaties op het culturele vlak. Eigenlijk praat je over een kulturhus-zonder-hus netwerk wat je op wilt zetten. Ik heb met de aanwezigen de volgende succesfactoren doorgenomen voor samenwerken zoals wij die uit de kulturhus-praktijk kennen:

  • Zorg voor een kartrekker die een doorlopende aanjaagfunctie heeft en faciliteer hiermee de samenwerking.‘We need souls of fire’
  • Gezamenlijke visie en doel vaststellen.
  • Bereid zijn risico’s te durven nemen, loslaten van eigen identiteit.
  • Zorgdragen voor draagvlak in het proces (bevolking, participanten, gemeente).
  • Kleine successen creëren als motor voor samenwerking.
  • Bekend maakt bemind: empathie en verbondenheid tussen organisaties.
  • Betrokkenheid van de gemeente.
  • Meten op output “wat is de meerwaarde van onze samenwerking?”
  • Gebruik de energie uit de gemeenschap, zet vrijwilligers op hun talenten en geef ze verantwoordelijkheid.
  • Waar mensen samenkomen gebeurt iets. Stimuleer informele wegen om samenwerking te laten ontstaan.
  • Samenwerken gaat met vallen en opstaan. Geef niet op na een eerste mislukking.

Wat bleek, ons kulturhus verhaal sluit erg goed aan bij de manier waarop processen in de Rijnstreek plaatsvinden en de basisprincipes van samenwerken zijn generiek voor verschillend werkvelden met een maatschappelijk vertrekpunt. Ik hoop dat mensen een deel van ons gedachtengoed mee naar hun werkomgeving hebben genomen en dat deze bijeenkomst een begin was van structurele samenwerking met meerwaarde voor de Rijnstreek. Klik hier voor de ppt van mijn presentatie.

Draagvlak ‘maken’
10 februari 2010, Marjan Wagenaar

Kun je draagvlak ‘beginnen’, ‘creëren’, laten ‘groeien’ totdat het ‘af’ is? Het is dinsdagavond en we zitten bij elkaar voor het Initiatievenberaad van kulturhusen. Draagvlak is een woord dat regelmatig over tafel gaat, maar wat is het nu eigenlijk precies? Van een oud-docent leerde ik dat je in dit soort gevallen het beste het woord zelf eens onder de loep kunt nemen: het gaat over een ‘vlak’ dat iets ‘draagt’. Beeldend gesproken zie ik voor me dat een groep mensen bij elkaar staat, en gezamenlijk iets in de lucht houdt, een idee ondersteunt.

Als je spreekt in termen van draagvlak ‘maken’, beschouw je jezelf als een soort regisseur van deze groep mensen, iemand die als opdracht heeft de groep zo groot mogelijk te maken. Het ‘iets’ dat de groep moet gaan dragen is al vastgesteld en besproken, het plan ligt er al. Nu nog draagvlak. Laat draagvlak zich daadwerkelijk zo regisseren?

Volgens mij is het antwoord zowel ja als nee. Een slecht idee blijft natuurlijk een slecht idee, en tenzij je van plan bent mensen echt te manipuleren zal het niet lukken met het draagvlak. Maar draagvlak heeft veel te maken met beeldvorming; het beeld van je idee dat je over brengt op andere mensen. Communicatie is dus heel belangrijk. Hoe ingrijpender je plan, hoe meer je mensen mee moet nemen in een groeiproces. Elk individu moet een bepaald denkproces door, waardoor hij of zij de noodzaak van de verandering in kan zien, of de voordelen van het plan. Tijd om aan het idee te wennen, tijd om nieuwe vragen te stellen, oude veronderstellingen los te laten en nieuwe inzichten te verwerven.

De sfeer van vanavond is er één van mensen die middenin zo’n groeiproces zitten en aan het leren zijn. Niet alleen individueel, maar ook met anderen die bij hun initiatief betrokken zijn. Iemand vertelt hoe de houding van verschillende participanten in een jaar tijd is veranderd. Ook al staat het nieuwe gebouw er nog niet, toch hebben participanten elkaar al gevonden en ontstaan de eerste samenwerkingsverbanden. Leuk en inspirerend om mee te maken.

 

Boeren en platteland
27-01-2010, Margreet Hogenkamp

Professor Winsemius zei het vorige week in een lezing die ik bijwoonde: het ministerie van LNV denkt nog steeds dat het Nederlandse platteland alleen maar uit agrariërs bestaat. Beleid is dan ook vooral gericht op een beroepssector waar een steeds kleiner aantal mensen werkzaam in is. Zou het ministerie van LNV zich juist niet veel meer moeten richten op de leefbaarheid van het platteland met agrariërs als belangrijk onderdeel? En die leefbaarheid? Wat is dat dan? Voor ons is een laagdrempelige ontmoetingsplek, waar iedereen welkom is een basisvoorwaarde. Dit kan een kulturhus zijn, maar ook het dorpscafé, de basisschool, de bibliotheek of een winkel kan die plek zijn. Zelfs in de ontwikkeling van autonome naar woondorpen blijft als een paal boven water:‘waar mensen samenkomen gebeurt iets’. En dan ontstaat leefbaarheid.

Onderstaand artikel is afkomtig uit De Stentor.

‘Dorpen onder juk LNV uit’
door Martin Ruesink NIJVERDAL – Overijsselse dorpen moeten onder het juk van het mi­nisterie van Landbouw, Natuurbe­heer en Visserij ( LNV) vandaan. Dit ministerie bekijkt kleine ker­nen nog alsof het boerengemeen­schappen zijn, waardoor nieuwe ontwikkelingen worden afgeremd en zo de vitaliteit sterk afneemt.
  Dat zei oud-minister PieterWinse­mius gistermiddag bij Koninklijke TenCate in Nijverdal, waar hij ooit werkzaam was, als spreker op het eerste jaarcongres van het Trend­bureau Overijssel. Het trendbu­reau verzamelt gegevens uit be­staande rapporten, om sociale, maatschappelijke en economische trends in de provincie te kunnen voorspellen. Volgens Winsemius bekijkt LNV de kleine kernen met een bril van 20 jaar geleden. „Nog maar acht procent van de bevol­king in de dorpen is boer. Toch zijn er voor een boerenerf maar een paar nieuwe bestemmingen mogelijk. Het wordt een seksboer­derij, een camping- of zorgboerde­rij of een caravanstalling, want an­ders is het geen landbouw meer”, aldus Winsemius, die daarmee 300 lachers uit het bedrijfsleven en overheden op zijn hand kreeg. De oud- bewindsman vindt dat ook andere bedrijfsvormen in een oude boerderij mogelijk moeten zijn, om zo de vitaliteit van een kleine gemeenschap te versterken.
  Winsemius zei verder dat Overijs­sel zich moet durven gedragen als een surfer voor de kust van Hawaï: gretig, vooruitkijkend, flexibel en zo veel mogelijk vóórop de golf. „Voorzichtig achterop blijven lijkt wel veilig, maar je valt stil en je moet zittend met je handen gaan peddelen. Dat kost meer kracht en het schiet niet op”. 

Check hier de blog over de excursie naar Denemarken! 


Sociale cohesie: voor wat het waard is
5 november 2009, Marian Tomasini

Op donderdag 5 november vond in het Zalencentrum Wesepe een conferentie plaats over de betekenis van sociale cohesie in de huidige tijd. Organisator was het Katholiek Centrum voor Welzijnsbevordering Overijssel (KCWO). Zij hadden de Wetenschapswinkel van de Wageningen Universiteit gevraagd hen te helpen kennis te verzamelen over de betekenis van sociale cohesie op het platteland van Overijssel. Tijdens de conferentie presenteerde socioloog Don Weenink de resultaten van zijn onderzoek in de Sallandse dorpen Lierderholthuis en Wesepe. (zie voor meer informatie http://www.kcwo.nl).

Margreet Hogenkamp van Variya zat in de begeleidingscommissie van het onderzoek en ik mocht haar vervangen op deze conferentie. Wat mij trof in de onderzoeksresultaten van Don Weenink, was dat beide dorpen saamhorigheid echt als identiteit van hun dorp benoemen. En dat een hoge mate van binding aan je dorp heel goed kan samengaan met het gegeven, dat steeds meer bewoners hun belangrijkste contacten vooral buiten het dorp hebben.

Je willen inzetten voor je dorp heeft te maken met het gevoel deel uit te maken van de dorpsgemeenschap. In de werkwinkels tijdens de conferentie, hebben we daarover verder gepraat. Drie aanbevelingen kwamen vanuit onze groep:

1) bij samenwerkingsprocessen in het dorp (zoals het ontwikkelen van een Kulturhus) is het heel belangrijk dat het ‘kartrekkerschap’ goed geregeld is. Liever verdeeld over een paar mensen met charisma en gevoel voor wat het dorp nodig heeft, dan dat één iemand alle verantwoordelijkheid krijgt.
2) als gemeenschap is het belangrijk open te staan voor nieuwe bewoners, ze welkom te heten en wegwijs te maken in het dorp. Geef nieuwe bewoners de ruimte om zelf een stap te zetten naar de dorpsgemeenschap. Iedereen mag op z’n eigen wijze deel uitmaken van de gemeenschap en daaraan bijdragen.
3) sta als dorp open voor vernieuwing. Soms kun je een voorziening niet behouden, maar kun je wel iets nieuws organiseren. Mensen en hun leefstijlen veranderen, de samenleving verandert en dus kun je als dorp beter mee veranderen als vasthouden aan wat vertrouwd was.

Hoewel in Lierderholthuis en Wesepe de kerk nog een belangrijke rol speelt in de gemeenschap, waren de conferentiegangers het erover eens dat de positie van de kerk erg aan het veranderen is. Deelnemen aan de vormgeving van een Kulturhus kan een goede manier zijn om het kerkgebouw en de kerkgemeenschap voor het dorp te behouden. Vanuit het projectbureau Kulturhus willen we daar het gesprek graag over voeren.


Kulturbrauerei
28 oktober 2009, Margreet Hogenkamp

Kulturhusen kennen ze niet in Duitsland. Maar…. wat ze – in ieder geval in Berlijn – wel heel goed gedaan hebben is het gebruiken van (industrieel) erfgoed als plek voor kunst en cultuur en ontmoeting. De Kulturbrauerei, een voormalige bierbrouwerij, is zo’n plek. Het enorme complex in de wijk Prenzlauer Berg is een blikvanger waar je films kan kijken, kan swingen in verschillende clubs, cafés, of kleine theatervoorstellingen kan bekijken op de verschillende podia. Ook zijn er in de stad nog legio voor-oorlogse gebouwen te vinden waar krakers en kunstenaars elkaar vinden en waar je goedkoop kan eten, drinken en mee kan doen aan activiteiten. Het biedt een mooi contrast met de vele prachtig musea op het Museumsinsel, waar moderne architectuur en negentiende-eeuwse schilderkunst elkaar afwisselen. Op beide plekken komt een hoop creativiteit en energie samen. Erg fijn om een weekend onderdeel van te kunnen zijn.


De WMO in hu(i)s, gemeentelijke belastingen eruit.
7 oktober 2009, Marjan Wagenaar

Eens in de paar maanden schuif ik aan bij het landelijke overleg van het platform Dorpshuizen.nl. Daar komt elke keer een keur aan interessante onderwerpen voorbij, die voor kulturhusen net zo relevant zijn als voor dorpshuizen. Dit keer vertelde Albert Bos, ambtenaar van de gemeente Skarsterlân in Friesland, hoe deze gemeente omgaat met de WMO en dorpshuizen. Al een tijdje was de gemeente op zoek naar een goede manier om de 9 dorpshuizen binnen haar grenzen te ondersteunen, en ze zag in de komst van de WMO de oplossing. Skarsterlân zag in dat de dorpshuizen eigenlijk de WMO (voor een deel) uitvoeren. In ruil hiervoor krijgen de dorpshuizen vrijstelling voor de gemeentelijke belastingen, waaronder de OZB belasting. Dorpshuizen blij, gemeente blij.

Uitgangspunt van de gemeente met betrekking tot dorpshuizen is altijd geweest dat ze vóór dorpen en dóór dorpen moeten zijn. De gemeente heeft geen dorpshuizen in eigendom en voorziet dorpshuizen ook niet van een exploitatiesubsidie. Deze oplossing past dus prima in haar filosofie en zorgt tegelijkertijd niet voor praktische of juridische problemen.

Ik vond het mooi om te horen dat de gemeente op deze manier de dorpshuizen een handje helpt en tegelijkertijd erkent welke belangrijke functie en dorpshuis / kulturhus in een gemeenschap heeft. Dhr. Bos vertelde dat de gemeente zich er ook bewust van is dat dit eigenlijk een koopje is; als het dorpshuis met al haar vrijwilligers er niet was geweest, had de uitvoering van de WMO haar wel wat meer gekost.

Het deed me ook denken aan het laatste Kulturhusberaad; ook daar kwam dit onderwerp naar voren. Als kulturhus mag je best met een zelfverzekerde houding naar de gemeente toe stappen; je voert beleid uit vóór de gemeente en daarmee kan de gemeente zich in de handjes knijpen. Ik kan me zelfs voorstellen dat dorpshuizen in Skarsterlân de ‘vergoeding’ die de gemeente hier tegenover stelt wat magertjes vinden. De gemeente vraagt namelijk wel van alle dorpshuizen om, naast hun huidige activiteiten, te gaan nadenken of ze hun activiteiten kunnen uitbeiden en een visie te vormen over wat ze voor het dorp willen betekenen. Dat komt al aardig dicht in de buurt van een kulturhus!

Zie het dossier WMO onder het kopje 'kenniscentrum' voor meer informatie over dit onderwerp en het convenant dat de gemeente met de dorpshuizen heeft afgesloten.

 

Inspiratiespiraal

Oktober 2009, Margreet Hogenkamp

 

Wat heb je nodig om je wensen te kunnen realiseren? Wel, wat je in ieder geval nodig hebt is een wens! Marinus Knoope -bedenker van De Creatiespiraal- hield vorige week tijdens de Inspiratiebijeenkomst in Gelderland, kulturhusmanagers, initiatiefnemers, ambtenaren en bestuurder een spiegel voor. Als je iets heel graag wilt en je gelooft er zelf in, dan zoek je de juiste mensen om je idee tot uitvoer te brengen. Het klinkt makkelijk, maar dat is het volgens Knoope ook. Natuurlijk kom je drempels tegen en zal je tegenwerking ervaren, maar als je volhard en blijft geloven, zal dit tot resultaat leiden.

Mijn wens is om, in dit geval via deze blog met dit verhaal, een positieve bijdrage te leveren aan jullie harde werken in het verwezenlijken van jullie wensen. En jullie mee te geven dat als je in jezelf in gelooft… het echt goed gaat komen!

 

Promotie?

16 september 2009, Margreet Hogenkamp

 

Setting; katholieke universiteit Tilburg, vrijdagochtend vroeg. Pieterjan Van Delden gaat promoveren en wordt aan de tand gevoeld door een commissie van ‘wijze’ mannen inclusief toga’s, befjes en hoeden en petten. Van Delden deed onderzoek naar dienstverlening in de publieke sector en waarom samenwerking soms wel en soms niet lukt. Ook onderzocht hij een aantal kulturhusen. Een belangrijke conclusie: samenwerking gaat niet vanzelf. Daar moet je actief energie in steken en het goed organiseren. Voor mij was het een feest der herkenning. Samenwerking is nooit een doel op zich, het is een manier van werken die het meest succesvol is als het een soort tweede natuur geworden is. Maar dat gaat niet vanzelf.. je moet het jezelf en anderen wel aanleren… Binnenkort meer over het onderzoek van Van Delden.

 

Kulturhus of multifunctionele accommodatie?

17 augustus 2009, Margreet Hogenkamp

 

Wat is nou het verschil tussen een kulturhus en een multifunctionele accommodatie? Deze vraag krijgen wij als adviseurs regelmatig. Het antwoord is in theorie eenvoudig; organisaties die werken volgens het kulturhus-concept hebben een visie op een rol in de gemeenschap. In een Kulturhus zijn organisaties vanuit verschillende disciplines (sport, cultuur, welzijn, zorg, educatie) betrokken. Zij werken gezamenlijk aan het behalen van hun maatschappelijke en commerciële doelen en delen de verantwoordelijkheid voor beheer en programmering. Organisaties in een multifunctionele accommodaties halen vooral fysiek voordeel (delen van ruimten) en werken vooral facilitair samen. Ad hoc werken organisaties samen, maar er is geen gezamenlijke ambitie of visie vertaald in een werkplan. Het werken met een kulturhus-concept is niet perse beter dan ‘gewoon’ een multifunctionele accommodatie. Soms is het voldoende voor participanten om vooral fysiek dicht bij elkaar in de buurt te zitten. Een belangrijk advies aan initiatiefnemers; zoek een samenwerkingsconstructie die bij je past!

Een goede start
6 augustus 2009, Michiel van Staaveren

Even voorstellen; Mijn naam is Michiel van Staaveren, ik ben 25 jaar en woonachtig in Enschede. Ik heb de studie bestuurskunde aan de Universiteit Twente bijna afgerond en ben vanaf maandag 3 augustus full time werkzaam als junior adviseur bij Variya en op die manier betrokken bij Projectbureau Kulturhus. Van daaruit ben ik naast andere werkzaamheden ook betrokken bij het gebeuren rondom Kulturhusen in en buiten Overijssel.

Tijdens mijn studie heeft de menselijke kant van de samenleving, de manier waarop mensen en groepen mensen met elkaar omgaan en samenleven, altijd een zekere aantrekkingkracht gehad. Door onderzoek in een achterstandswijk in Rotterdam, voor de afstudeerrichting Veiligheid raakte ik geïnteresseerd in de rol van de bewoners voor het leefbaar houden van een dorp of wijk. Zo kwam ik terecht bij de begrippen burgerparticipatie en actief burgerschap en de waarde ervan voor een gemeenschap.
Wat maakt dat mensen mee gaan doen en hoe kunnen provincie, gemeente, andere organisaties en burgers onderling deze actieve instelling stimuleren? Dat zijn vragen die ik interessant vind en probeer te beantwoorden in mijn afstudeeronderzoek. In mijn functie bij Variya ga ik hiermee en met andere onderwerpen aan de slag. Ik zie het als een uitdaging om ook met hele praktische zaken bezig te zijn en hoop dat ik daarbij mijn eigen kennis en kwaliteiten zoveel mogelijk kan inzetten en kan ontwikkelen.

Maar nu terug naar de praktijk. Na de kennismaking met de nieuwe collega’s was het tijd om een start te maken met inlezen in de materie. Het lezen en bekijken van deze website was een onderdeel daarvan om zo een beeld te krijgen van de verschillende kulturhusen in Overijssel. Aangezien het voor de website nog nodig was om, in de vorm van fotomateriaal, letterlijk een beeld te krijgen van een aantal Kulturhusen mocht het toeval dat ik op mijn tweede werkdag samen met collega’s Jeroen Geerdink en Marjan Wagenaar bij een viertal Kulturhusen langs ben geweest.
De volgende locaties hebben we aangedaan; Noaberhus Okkenbroek  , Kulturhus De Eendracht  in Giethoorn, het Sluziger Kulturhus in Zwartsluis en het Cultuurhuis Stadshagen in Zwolle.
Voor mij was het erg interessant en leuk om meteen al te kunnen zien wat er in de praktijk gebeurt en voor Marjan en Jeroen was het een mogelijkheid om contacten aan te halen en feedback te krijgen en te geven. Al met al een geweldige dag!

Momenteel ben ik me verder aan het inwerken en ook al begonnen met een eerste klus, namelijk het bij een aantal Kultushusen uitzoeken en vergelijken van huurprijzen en zaken daaromheen om zo een duidelijk(er) beeld te kunnen schetsen. Zo begin ik na één week al een aardig beeld te krijgen van de werkzaamheden en het werkveld en heb ik enorm veel zin om aan de slag te gaan! 
 

Kulturhus beraad: hoe vermarkt ik mijn kulturhus?

18 juni, 2009, Jeroen Geerdink

Vier keer per jaar organiseert Variya een Overijssels kulturhus beraad voor managers, beheerders en bestuurders. Tijdens deze bijeenkomsten worden ervaringen gedeeld, nieuwe ontwikkelingen besproken en experts van specifieke vakgebieden uitgenodigd. Donderdag 11 juni waren we te gast in het nieuwe kulturhus van het buurtschap Hoge Hexel. Dit is een zeer betrokken gemeenschap, wat drijft op een enorme inzet van vrijwilligers. En wij mogen melden dat het zeer prettig vertoeven is in Kulturhus Hoge Hexel. Na een smakelijke broodmaaltijd met verse kippensoep (met dank aan de moeder van beheerster Jolanda), begonnen we aan ons 3-maandelijks beraad. Ook deze keer konden wij enkele nieuwe gezichten verwelkomen en wel uit Raalte, Denekamp, Notter-Zuna en Hoge Hexel.

Op 11 juni stond het onderwerp communicatie, profilering en marketing op de agenda. Deze discussie werd begeleid door communicatiedeskundige Olga Haarman van Catapult Communicatie. De strekking van de discussie kwam neer op:

  • Weet in één minuut te vertellen waar jouw kulturhus voor staat.
  • Communiceer wat er gebeurt binnen jouw kulturhus met je doelgroepen (waaronder de gemeente).
  • Zorg voor een duidelijke gezicht en profilering van de kulturhus voorziening.

Dit lijken simpele zaken. Echter, door drukke schema’s van kulturhus-managers van kulturhusen, wordt communicatie en profilering veelal een sluitpost. Om het de kulturhus-managers gemakkelijk te maken heeft Catapult Communicatie hiervoor een 10-stappenplan opgesteld. Da’s toch mooi meegenomen!
 

Website is weer up-to-date
3 juni 2009, Margreet, Jorien, Marjan & Jeroen

 

We hebben ons de afgelopen twee dagen opgesloten in een ‘kantoor aan huis’ om ons – zonder afleiding van collega’s, mail en telefoon - volledig te kunnen focussen op de website. Want de mededeling ‘this page is under construction’, dat kan toch echt niet meer. Het resultaat van deze noevere arbeid kun je op de site terugvinden. Vooral het onderdeel kenniscentrum is geupdate. En voor wie nog vragen heeft, foutjes ziet of nog meer informatie heeft... laat het ons weten!


 

 

Broek ophouden?

3 juni 2009, Margreet Hogenkamp

Hoe kunnen wijkvoorzieningen, met ieder z'n unieke kenmerken, kwaliteiten, problemen en kansen zo goed mogelijk floreren? En hoe kan gemeentelijk acoommodatiebeleid daar een bijdrage aan leveren?
Vorige week was ik voorzitter bij een bijeenkomst voor de besturen van wijkaccommodaties in een stedelijke gemeente. Doel van de avond was het verzamelen van bouwstenen voor nieuw accommodatiebeleid.
Het werd een mooie avond, met veel goede ideeën, wensen en knelpunten. Een oplossing om iedereen tevreden te houden blijkt niet eenvoudig. De ene voorziening wordt geëxploiteerd door een welzijnsstichting, de andere door vrijwilligers. De een krijgt een paar honderd euro subsidie, de ander aanzienlijk meer. De ene voorziening is er voor iedereen, de andere wordt vooral bezocht door kwetsbare groepen. De een kan heel goed z'n eigen broek ophouden, de ander moet altijd schuiven met de laatste dubbeltjes. De een heeft vijftig bezoekers per week, de ander tweeduizend. De gemeente gaat verder met het oplossen van deze puzzel. Met hulp van de ervaringsdeskundigen uiteraard. Deze avond heeft in ieder geval z’n nut bewezen, want de deelnemers willen elkaar graag blijven zien om onderling kennis en ervaring uit te wisselen!

 

Het Hoogeland door de kulturhusbril 

Mei 2009, Jorien Kranendijk

 

Afgelopen donderdag heb ik met de Plaatselijke Groep van Leader Salland een bezoek gebracht aan het gebied Het Hoogeland in de provincie Groningen. We hebben daar een aantal spraakmakende plattelandprojecten bezocht, waarbij ik er niet aan ontkom om dit door de ‘kultushusbril’ te bekijken. Bij deze mijn overwegingen / wetenswaardigheden:

De energie van vrijwilligers – tijdens het bezoek aan het gerevitaliseerde dorpshuis te Garlesweer kwam weer eens naar boven hoe belangrijk betrokkenheid vanuit de gemeenschap in de vorm van vrijwilligers is. Zo’n hebben zo’n 100 vrijwilligers (op een bevolking van 650) bijgedragen aan de verbouw waardoor de verbondenheid met het nieuwe dorpshuis groot is. Door een aannemer te verplichten te werken met vrijwilligers ontstond er een laagdrempelige samenwerking die veel energie heeft losgemaakt.

Maatschappelijk gebruik van religieus erfgoed – functieverlies van kerkgebouwen is op het Groninger platteland aan de orde van de dag. Stichting Oude Groninger Kerken koopt kerken op met als doel ze toekomstbestendig her te bestemmen. Bij een zaalkerkje in Opwierde is dit gebeurd door een langlopend huurcontract aan te gaan met een regionaal bekende muziekvereniging die de kerk als oefen- en uitvoeringsruimte gebruikt. Wat mij betreft is dat het begin en kan deze basis gebruikt worden om te zoeken naar verder gebruiksmogelijkheden.

“Vanmorgen gebeld is ’s middags geld” – onder dit motto is een fonds opgezet met Leadergeld waar dorpen voor kleinschalige initiatieven direct geld kunnen krijgen. Dit zogenaamde koepelproject ondervangt de vaak financiële rompslomp van Europese subsidies voor kleine projecten. Voor bijdragen tot € 500,- is de projectleider gemachtigd waardoor het inderdaad zo kan zijn dat er ’s ochtends gebeld wordt en ’s middags het geld overgemaakt wordt.

Dromen, denken, doen – bij alle bezochte projecten werd weer eens duidelijk dat initiatieven vallen of staan met de kracht en het geloof van vaak één persoon. Het is altijd erg fijn om zulke inspirerende mensen te ontmoeten en te horen. Het geeft mij ook weer energie.

Op fietse
Mei 2009, Margreet Hogenkamp

De wethouder van Borne en de voorzitter van de dorpsraad Zenderen samen op een fiets om de goede boodschap te brengen en… binnenkort boodschappen te halen. Een van de agendapunten van de Dorpsplanplusagenda in Zenderen is een multifunctionele accommodatie met… een heuse supermarkt. Een bijzondere stap in een dorp waar op dit moment geen supermarkt meer is. En lef hebben van een ondernemer die deze stap durft te nemen. Op dit moment doet de woningcorporatie onderzoek naar de haalbaarheid van de nieuwe accommodatie, waarin de school (bestaand gebouw) gecombineerd gaat worden met een multifunctionele ruimte waarin onder andere buitenschoolse opvang, kinderopvang/peuterspeelzaal, centrum voor jeugd en gezin, activiteiten voor ouderen en een bibliotheekvoorziening een plek krijgen. Er wordt hierbij goede afstemming gezocht met bestaande voorzieningen in het dorp.
NB. Margreet Hogenkamp is voor Zenderen projectbegeleider Dorpsplanplus.

Ja, dat wordt poetsen!
27 april 2009, Marjan Wagenaar

De tweede PlattelandsDialoog is achter de rug en we kunnen aan de slag. Hoewel… Voor de organisatie was het jammer dat er niet zoveel mensen waren als gehoopt, maar het was ook wel erg mooi weer, en de vakantie was net begonnen. Dat neemt niet weg dat de sfeer enorm goed was en er over heel veel onderwerpen is gediscussieerd. Tijdens de PlattelandsDialoog hebben bewoners, bestuurders en professionals met elkaar gesproken over de leefbaarheid op het platteland. Eén van de onderwerpen was de participatie van bewoners in het politieke proces. Door meerdere werkgroepen werd opgemerkt dat bewoners vaak niet weten hoe en wanneer ze gemeentelijk beleid kunnen beïnvloeden. Ik vond het een goed idee om te bekijken of hier trainingen of cursussen voor bestaan en zo niet, er zelf één op te zetten.

In onze werkgroep werd ook meerdere keren opgemerkt dat iedereen aan tafel mondig genoeg is om voor zichzelf op te komen. Het leven op het Overijsselse platteland is dan zo slecht nog niet. Maar er zijn ook mensen die niet zo mondig zijn, en hoe krijg je specifieke problemen van die mensen in beeld? Onderwerpen als bijvoorbeeld armoede en eenzaamheid zijn (bij mijn weten) niet aan bod geweest.

Er werd gediscussieerd over de strijd tussen oud en nieuw: behouden we wat er nu is of geven we juist kansen voor vernieuwing? De één vindt een nieuw bungalowpark verschrikkelijk jammer, de ander vindt het juist een impuls aan de leefbaarheid die toch tanende was. Ik vond het dan lastig om er echt een concreet plan voor te maken: de één vindt het immers een probleem dat opgelost moet worden, de ander vindt het juist een oplossing! Het lijkt of meer werkgroepen daar last van hadden, want er zijn niet veel handzame projecten uit deze tweede Dialoog gekomen. Toch; met de voorstellen die er wel liggen, kunnen we aan de slag. Niet lullen, maar poetsen.

Een leefbare Reest
April 2009, Margreet Hogenkamp

Zet een groep ‘groene’ en ‘blauwe’ adviseurs en ambtenaren en landbouwers bij elkaar en je krijgt prachtige verhalen over waterstanden, verdroging, vernatting, natuurwaarden, ruig land, hooiland, de rol van de landbouw, dassen en hun oversteekplaatsen, de rol van de landbouw… Een schetsschuit is een methodiek van Dienst Landelijk Gebied en is een manier om integraal naar een gebied te kijken en een visie voor de toekomst te ontwikkelen. Vorige week werd in twee dagen het Reestdal – het gebied van Balkbrug, via IJhorst naar Staphorst- onder de loep genomen. Ik was aanwezig om het onderwerp leefbaarheid in de schets in te passen. In het gebied wonen mensen met wensen en behoeften t.a.v. voorzieningen en activiteiten. Voor een optimaal effect is een goede verbinding met de economische, recreatieve en natuurontwikkelingen nodig. Leefbaarheid is een relatief ‘nieuw’ onderdeel in de schetsschuit, die vooral door een ruimtelijk en recreatieve bril bekeken wordt. Het bleek leerzaam.. maar lastig met een minimale inbreng van de inwoners zelf. Samen met DLG gaan we kijken hoe het nog beter kan. Suggesties zijn altijd welkom.

Vakmanschap
2 april 2009, Margreet Hogenkamp

Vakmanschap; het bleek een van de gekozen kernwaarden van een groep initiatiefnemers van een kulturhus. We maken tijdens workshops waarin we mogelijke participanten van een kulturhus helpen met het maken van ene visie, regelmatig gebruik van een spel met wel 150 waarden (van religie tot gezien, van vriendschap tot geld). Door dit aantal waarden terug te brengen naar ongeveer zes of acht, gaan deelnemers in discussie over wat ze echt belangrijk vinden. Samenwerking is een populair kaartje, net als vertrouwen en vernieuwing. Ondernemerschap wordt ook vaak genoemd, maar vakmanschap was ik nog niet eerder tegengekomen. Wel een mooi, veelzeggend woord. Vakmanschap in het kulturhusconcept; ik stel me een ouderwets goede gastheer of dame voor, een goede afstemming tussen participanten, heldere afspraken over doelen, participanten die hun werk goed doen. Kwaliteit. Mooi.

SUPPLY3: Noord-West Europese expansie Kulturhusconcept
24 maart 2009, Jeroen Geerdink

Sinds vorig jaar ben ik betrokken bij de projectgroep Supply3 om te komen tot een Interreg-projectaanvraag. We zitten momenteel in de eindfase van de definitieve aanvraag. Variya en het ingebrachte kulturhusconcept spelen een prominente rol in dit project. In totaal zijn er 12 deelnemers, komend uit Engeland, Schotland, Nederland en Duitsland.

Supply3 staat voor Local Supply (service, shops, social support). Oftewel, hoe kun je voor de toekomst in rurale en stedelijke gebieden voorzieningen op een gewenst niveau behouden? Hiervoor zijn in de verschillende landen concepten en initiatieven ontwikkeld. Het doel van Supply3 is om deze leefbaarheidsconcepten te benchmarken en door te ontwikkelen. Ieder land/regio heeft zo zijn sterke kanten:

Duitsland:     retail/food, duurzaamheid
Engeland:     commercie/economische dragers
Nederland:     bewezen allround concept met sterke culturele inslag  (uniek, veel response)

Het kulturhus concept past perfect bij het karakter van dit interreg-project. Er zijn dan ook bijzonder veel aanknopingspunten voor Variya om te participeren. Alleen al de focus op zowel stedelijke als rurale voorzieningen is bijzonder relevant. Woensdag 18 maart ’09 was er wederom een bijeenkomst van deze Interreg projectgroep, deze maal in Stuttgart. Variya tekent in voor deelprojecten op het vlak van:

-    Overkoepelende (culturele) programmering kulturhusen
-    Economische dragers kulurhus en versteviging locale economie
-    Gebruikersonderzoek kulturhusen (Overijssel en Gelderland)
-    ‘Most significant change’-project
-    Breedband ontwikkeling ‘Virtuele Kulturhusen’

De definiteve projectaanvraag wordt voor 17 april 2009 ingediend. Medio juni 2009 weten we of de plannen beschikt worden. Wil je meer weten over dit Europese project, neem dan contact met mij op (j.geerdink@variya.nl)

Friezen nieuwe stijl
16 maart 2009, Margreet Hogenkamp

Ontwikkel een dorpshuis nieuwe stijl. Deze opdracht kregen twee docenten, in het kader van een kenniscampusproject (samenwerking van drie hogescholen, gemeente Leeuwarden en de provincie Friesland). Opgetogen togen de Friezen afgelopen week naar Overijssel om het Kulturhusconcept eens nader te bekijken. Erg leuk en leerzaam om te zien hoe initiatiefnemers vanuit een heel andere hoek naar samenwerkingsconcepten kijken. Al brainstormend bleek het kulturhusconcept al erg veel vernieuwends in zich te hebben; denk aan kansen in ICT, duurzaamheid, mensenwerk en de dynamiek die dat met zich meebrengt. In Friesland willen ze de accenten nog wat verdiepen; energieneutraal bouwen, een totaalconcept bieden voor ouderen en nog meer ondernemerschap, bijvoorbeeld door het ontwikkelen van cooperaties. Ben erg benieuwd wat er in Friesland aan toegevoegd wordt en natuurlijk wat we er hier in Overijssel weer mee kunnen; wordt vervolgd!

Web 2.0: co-creatie en interactivitiet
9 maart 2009, Margreet Hogenkamp

Web 2.0. Is het nu DE oplossing voor al onze problemen of wordt de wereld er alleen nog maar veel ingewikkelder van? Ik ben er nog niet uit. Waren we met de ontwikkeling van web 1.0 (voor mij nog goed te begrijpen) vooral bezig met het publiceren van informatie (de een zet wat op het net, en een ander kan het lezen of downloaden), is web 2.0 een stuk interactiever. Kort gezegd draait het er met web 2.0 (en geloof me, of je wil of niet, je bent er vast al mee bezig) vooral om interactiviteit. Iedereen schrijft, reageert, leest, creert, werkt samen en dat allemaal door elkaar en tegelijkertijd. Uiteraard wel alleen op de onderwerpen die jij interessant vindt. Indiviualisering? Volgens web 2.0 gebruikers is hun belevingswereld een stuk socialer; digitale vrienden en kennissen te over.

Maar... wat betekent web 2.0 voor Kulturhusen? Wat mij betreft liggen er kansen. Vooral de komende tijd. Juist in een wereld waar mensen minder tijd hebben en meer willen doen en ook jongeren vergroeien met het internet, is het een belangrijke manier om informatie uit te wisselen, nieuwe mensen te betrekken en zo het kulturhusnetwerk te versterken. Kulturhusen kunnen daar op inspelen; creeer samen met jongeren of andere interenetcreators je eigen kulturhuswereld. Wie weet wat het je oplevert...

Kulturhus/mfa-initiatief: levensvatbaar of niet?
9 februari 2009, Jorien Kranendijk

Afgelopen week kwam bij een brainstormsessie rondom de financiering van een gebiedsontwikkeling weer één van de cruciale dilemma’s aan bod met betrekking tot kulturhus/mfa-initiatieven. Om in aanmerking te kunnen komen voor een subsidie van de provincie voor de bouw of verbouw van een multifunctionele accommodatie of kulturhus, dienen er in de openbare toegankelijke voorziening diensten aangeboden te worden op minimaal drie van de gebieden van welzijn, sport, cultuur, educatie, zorg, maatschappelijke en/of commerciële dienstverlening.

Bij de meeste initiatieven is deze laatste eis niet direct het uitgangspunt, waardoor er vaak één tot twee van de gebieden vertegenwoordigd zijn. Vervolgens dient de vraag zich aan: gaan we heel veel energie steken in het vinden van aanvullende gebieden of blijven we bij het oorspronkelijke initiatief? Ofwel ‘pimpen’ we het initiatief op zodat we in aanmerking komen voor subsidie met daarbij beduidend hogere investeringskosten en een hoger risico met betrekking tot de exploitatie? Of blijven we bij het oorspronkelijke idee waardoor de van te voren ingeschatte subsidie komt te vervallen?

Soms is ‘klein’ blijven een betere oplossing waarvoor via andere manieren ook financiering te krijgen is. Anderzijds is een kulturhus/mfa-traject ook de kans om te komen tot inspirerende en versterkende samenwerkingsvormen. 

Kulturhusontwikkeling in Rotterdam
2 februari 2009, Margreet Hogenkamp

Het kulturhusconcept is niet alleen geschikt voor het platteland. Juist ook voor stedelijke ontwikkeling biedt het concept een goed handvat. Het doel? Een wijk waarin mensen prettig kunnen wonen, werken en leven. Het kulturhus-concept en daarbij als middel een ontmoetingsplek kan hier een belangrijke bijdrage aan leveren. In Rotterdam wordt er in twee wijken - Charlois en Hoogvliet - gekeken naar de mogelijkheden voor het inzetten van het Kulturhusconcept. In beide gevallen kwamen de betrokken ambtenaar en een daarvoor aangestelde projectleider langs om ons te bevragen op onze kennis en advies. Overigens kenden beide personen elkaar (nog) niet zodat wij meteen een van onze taken - namenlijk mensen/organisties met elkaar in contact brengen zodat kennisuitwisseling plaatsvindt - konden uitvoeren.

Grootste verschil tussen initiatieven op het platteland en in de stedelijke omgeving; op het platteland ligt het initiatief negen van de tien keer bij het dorp zelf. Bewoners die in actie komen omdat het dorpshuis een opknapbeurt nodig heeft, de laatste supermarkt uit het dorp verdwijnt of kansen zien in het versterken van voorzieningen door ze te koppelen. Vanuit deze energie wordt het kulturhus-concept verder ontwikkeld. In de stedelijke omgeving zijn het vaak maatschappelijke organisaties die zelf samen willen werken of het is de gemeente is die - top down- kansen ziet in het efficient inzetten van ruimtegebruik. Vaak vanuit een bezuinigingsbehoefte. Het kulturhusconcept heeft draagvlak als basis voor succes. We zien in de stedelijke omgeving dat dit draagvlak pas goed ontwikkeld kan worden wanneer het concept uitgewerkt wordt. En niet al in het proces voor er uberhaupt over een gebouw gepraat wordt.

Voor de regisseur in de stad, of het nu een gemeenteambtenaar of een externe projectleider is, is het zaak om te balanceren tussen de wensen en behoeften van de gemeente en de welzijnsinstellingen en de wensen en behoeften van bewoners (vaak niet helder in beeld) en lokale vrijwilligersorganisaties. Het kulturhus-concept, waarbij juist de inhoud de basis is, en niet de stenen, is goed te gebruiken. In de praktijk gaat het  in steden vaak andersom; eerst het gebouw en daarna de inhoud. Misschien niet ideaal, maar wel de situatie die er is. Het kulturhusconcept is flexibel genoeg ook daarop in te spelen. Voor ons is het boeiend om te kijken hoe het kulturhusconcept zich in het stedelijke gebied ontwikkeld en wij denken en 'bouwen' graag mee aan het concept.

Provincie Gelderland Provincie Overijssel Variya - maatschappelijke ontwikkeling en integratie